
Ik ben ouderwets. Geef mij maar een paaltjesroute door het bos. Brood mee, drinken mee, wandelen. Doe mij vooral géén dagje Efteling in het hoogseizoen: in de rij staan, mensen die duwen en voordringen of hun kinderen stimuleren dat te doen. Je bent een sul als je keurig op je beurt wacht.
Sommige kinderen hebben alle pretparken van Nederland én Eurodisney al gezien. Het bijzondere is al niet meer boeiend. Kunnen we ervoor kiezen bepaalde dingen over te slaan in ons leven? Dan mogen de kinderen er zelf wel heen als ze volwassen zijn. Of doe ik ze nu een levenslang trauma aan?
Het rare is dat de kinderen onze manieren al overnemen. Hoewel ze graag naar een dierentuin of speeltuin gaan, roepen ze al snel op een rustig deel van het park: “Wat is het hier heerlijk rustig hè!”. In de natuur krijg ik verzuchtingen te horen als: “Wat is de natuur toch mooi”. Is dat imitatie of zit het in de genen?
Mijn dochtertje van vier ging bij een vriendinnetje spelen. “Wat hebben jullie gedaan?” “Televisiegekeken”. Ja hoor! Als je twee uur samen gespeeld hebt, mag je best even uitrusten voor de tv. Maar continu dat apparaat aan, al zodra het vriendinnetje binnenkomt… nee, dank u. Het bewuste meisje kan zich niet lang concentreren op een spel en vraag veel aandacht. Natuurlijk kan ik niet in andermans gezin kijken, maar wat ik zie, doet me toch denken aan een kip en een ei.
We voeden onze kínderen niet alleen op met de gedachte dat ze direct kunnen krijgen wat ze hebben willen, we willen het zelf ook. Nieuwe keuken? Kopen we. Aanbouw? Doen we. Nieuwe caravan? Natuurlijk, die is ook nodig. Als we het geld niet hebben, lenen we ervoor, want sparen is wachten en dat kunnen we niet. Contacten zijn vluchtig. We nodigen de buren uit om de nieuwe badkamer te komen bekijken, drinken een borreltje met elkaar en dat is al heel wat. Investeren in relaties kost tijd en een lange adem. Wie heeft dat nog? Diepgaande vriendschappen, gesprekken waarbij je ontdekt hoe de ander in het leven staat, een thuis vormen voor elkaar, dat kost allemaal veel concentratie. Meer dan het zoeken van vluchtig vermaak. .
Ach ja, wat ik schrijf is niet nieuw. Er is al veel gezegd en geschreven over de consumptiemaatschappij. Maar wij christenen doen daar niet aan mee. Toch?
Het verbaast mij soms hoe weinig trouw wij zijn als christen. We vliegen van de ene ervaring naar de andere. Van conferentie naar genezingsdienst naar viering. De zondagse dienst moet ons vooral iets te bieden hebben, anders haken we af. Gaan we zo ook met de Here God om? Ik hoorde van een vrouw die vijftien jaar voor iets gebeden had. Ze vertelde dat terloops, meer vol van het gebeuren erna dan van die jarenlange periode. Het maakt nu even niet uit wat en hoe er precies aan de hand was. Maar: vijftien jaar! Wie houdt dat vol? Dat is als sparen met een dubbeltje per week. Dat is een woestijnperiode van jewelste. En dan blijven volharden en in geloof vasthouden aan Gods beloften. Dat is geen vliegtuighoppen van de ene ervaring naar de andere. Dat is een lange wandeling, zeg maar gerust een barre tocht, waarin je stap voor stap dichter bij je doel komt. Ik kan daar met bewondering naar kijken.
(gezien de leeftijd van ‘dochtertje’ kun je zien: dit is een stukkie uit de oude doos. Maar nog steeds actueel!) eerder gepubliceerd in Camagazine, 2002