Vrijdagavond stond ik naast twee dames, die samen gezellig stonden te praten over het weekend dat voor hen lag: een weekendje uit, op de camping cq. hotelletje, met de gezinnen gezamenlijk er op uit trekken, ze hadden er overduidelijk zin in. Ergens in mij bespeurde ik enige afgunst. Maar zaterdag was dat helemaal verdwenen.
Want ik heb zaterdagmorgen Pinksterfeest gevierd.
Mijn doel van het bezoek aan de viering in de gevangenis in Amsterdam was om te kijken hoe het er aan toe gaat. Door de gevangenispredikant was ik keurig met mijn geboortenaam en geboortedatum aangemeld onder de titel ‘kerkvrijwilliger’. Zo meldde ik me aan de poort, nadat ik de ringweg A10 en alle stoplichten en trambanen had getrotseerd. Ik liet alle persoonlijke eigendommen in de kluis achter, stapte drie keer het poortje door en ging sieradenloos en zonder handtas naar binnen.
Een mannengevangenis. De mannen komen vrijwillig naar de dienst. Wij staan bij de deur om hen te begroeten. Met een hand en een blik. Oogcontact met al die ogen. De een kijkt me stralend aan (‘Zo! Wat veel mooie vrouwen vandaag!’), de ander kijkt snel weg, een volgende kijkt verwachtingsvol. Mannen zoals je dagelijks op straat tegenkomt.
Als iedereen een plekje heeft gevonden in de kring van stoelen en krukjes, begint de dienst. Met een gebed om hulp.
De voorganger zegt: ‘Wij zoeken onze hulp bij U, God’.
De aanwezigen antwoorden: ‘Want U hebt ons geschapen om mens op uw aarde te zijn’.
Zij vervolgt: ‘U blijft ons trouw in Uw liefde’.
Aanwezigen: ‘Hoe we ook geworden zijn en wat we ook gedaan hebben’.
Tranen in mijn stem.
Weet je wel dat er nauwelijks scheiding is tussen de mensen ‘binnen’ en ‘buiten’ de gevangenis? Weet je wel hoe groot Gods liefde voor ons is? Als Hij bij machte is mijn zonde te vergeven, zou Hij dan niet in staat zijn hun zonde te vergeven? Alsof Jezus’ offer voor bepaalde zaken niet toereikend zou zijn! Waar mensen zich tot God keren en berouw hebben, komt zijn vergiffenis hen tegemoet.
Stoere jongens die met eerbied de schriftlezing verzorgen. Alle aanwezigen die een kaarsje aansteken voor een persoon die hen lief is. Een meisje met gitaar die een lied zingt. Een voor mij bekend lied, maar hier zo anders, zo enorm betekenisvol. Doodstil terwijl ze zingt:
‘Lord have mercy! Christ, have mercy… Lord have mercy on me!’.
Ja, het is een heel andere dienst dan we gewend zijn. Geen preek van 50 minuten, maar een hele viering van maximaal 45 minuten. Dan een kwartier koffiedrinken, want binnen het uur moeten ze weer op cel zijn.
Ja, het is wat rommelig: er wordt af en toe tussendoor gepraat als iemand een bijbelverhaal denkt te herkennen. De mannen zijn blij elkaar te ontmoeten. En tegelijkertijd zie ik grote eerbied, petten gaan af, ze manen elkaar tot stilte, er wordt gedacht aan vrouwen, vriendinnen, kinderen. Er wordt gesproken van schuld en schaamte, vergeving en heilige Geest. Na afloop mocht ik iedereen een witte roos geven.
Ik vierde Pinksterfeest zaterdag.

Mooi. Ik herken van “mijn tijd” in de bajes. Geen verschillen, veel overeenkomsten. Filmtip: il y a longtemps que je t’aime.
Ontroerend!
God doet zoveel groots juist achter die gevangenismuren.
Hoi Els,
Gaaf zeg! Mooie gasten zijn het (“zoveel mooie vrouwen” – erg leuk, oprecht en eerlijk) he? Ik vind het geweldig wat je bij Dorien mag gaan doen. Jullie doen geweldig werk!
Veel zegen,
Roc
Heel herkenbaar. Ervaar het elke zondag. Heeft, denk ik, alles te maken met ‘t feit dat theologie er niet toe doet. ‘t Gaat vooral om de ontmoeting, met God en met elkaar.