Het waren rare tijden. Op een vrijdag begon het met ‘Jullie salaris komt iets later, maar maandag komt het echt’. Op maandag keek ik maar eens op internetbankieren: volgens m’n sluitende administratieve systeem wordt er twee dagen na binnenkomst van het salaris een bedrag afgeschreven door de hypotheekverstrekker én de vaste lasten. Dat was keurig gebeurd, maar geen salaris te bekennen. Dan schiet zo’n rekening helemaal in de rode cijfers!!
Dear Hus belde dat er ’s avonds een bijeenkomst zou zijn, en dat hij dus op werk bleef. Na negen uur kwam hij thuis: er zou een reddingspoging zijn, mocht dat niet baten, dan kwam er surséance van betaling.
De volgende dag om 12 uur werd al bekend dat surséance werd aangevraagd. De sfeer werd dreigend. ’s Middags werd er nog doorgewerkt, want ja: dan werd er misschien nog wat verdiend.
Waar in andere landen surséance van betaling een kans biedt om de de betalingen uit te stellen en orde op zaken te stellen, waarbij de toeleveranciers verplicht verder moeten gaan met leveren, ligt dat in Nederland anders. Leveranciers stoppen acuut. Het was ook nog eens de laatste dag van de maand maart, waardoor er de volgende dag al geen dekking meer was door de verzekeringen. Werken werd dus niet meer toegestaan. De software was buiten gebruik gesteld en onderdelen niet afgeleverd. Dan gaat het hard! En inderdaad bleek donderdagavond het faillissement uitgesproken. Vrijdagmorgen werd het door de curator bekend gemaakt aan het voltallige personeel. 180 mensen.
Ondertussen maakte ik twee tentamens en hield via SMS contact. Kon me niet bijster goed concentreren.
En nu?
Allerlei scenario’s zijn denkbaar. Meest logisch: Hus zoekt snel andere baan (en vindt die hopelijk ook snel). Of: hij geeft nú een switch aan het geheel en gaat iets heel anders doen. Of: ik ga een baan zoeken (wil hij dat…?) – en dan: als wat? Neemt iemand een 2e-jaars-student aan in dit vakgebied – en kan ik daarbij nog verder met m’n studie, of zoek ik een baan in m’n oude stiel? Als niemand van ons een baan vindt, zou ik sowieso moeten stoppen. Maar daar gaan we maar niet van uit!
Trots ben ik op DH. Waar andere mannen misschien zouden uitslapen en zappend op de bank zitten met een biertje, is hij direct al sollicitatie- en netwerkgesprekken aan het voeren en gaat in ‘t voorbijgaan nog driekwart dag een pastorale klus doen. Of hij zich al verveelt? Nou, niet bepaald. (Wel zit hij steeds aan MIJN bureau, grrr). Wellicht komt de klap nog. Of niet.
Alles sal reg kom. (Zuidafrikaans gezegde) Of:
Ik laat jullie vrede na; mijn vrede geef ik jullie, zoals de wereld die niet geven kan. Maak je niet ongerust en verlies de moed niet. (Jezus, in Joh 14:27)
Da’s niet fijn meisje! Dat geeft, of je wilt of niet, zorgen. Ook al zegt de bijbel: maak je geen zorgen over de dag van morgen, want elke dag heeft genoeg aan z’n eigen kwaad. Want hoe je het ook wendt of keert: er moet toch gegeten worden, en je vaste lasten gaan gewoon door. En jij bent nu eenmaal geen lelie op het veld, of een mus.
‘k Hoop voor jullie, van harte, dat er gauw een goede oplossing mag komen. Hoe dan ook. Sterkte!!
Zo, das even wat, als we wat voor jullie kunnen betekenen dan horen we het graag.
David